Commissie-onderwerpen  MEP 2010

 

1.TRAN / Commissie Vervoer

Het vraagstuk van de kilometerheffing.
De kilometerheffing wordt in Nederland overwogen: in 2011 voor vrachtwagens en in 2012 voor auto’s. Uitgangspunt daarbij is
om mensen meer te laten betalen voor het gebruik van de auto en minder voor het bezit ervan. Dit idee op zich is wellicht een sympathieke gedachte. Maar is het mogelijk om daaruit een resolutievoorstel te puren dat betaalbaar en uitvoerbaar is? Zoals het nu op tafel ligt gaan bijna alle Nederlanders veel meer belasting betalen. Bovendien wordt door hightech kmkastjes de privacy van de Nederlanders ernstig in gevaar gebracht.

Opdracht aan de commissie:
Kan en moet de EU de kilometerheffing in Europa doorvoeren? Zo ja, onder welke voorwaarden? Hoe moet zulke verkeerswetgeving praktisch geregeld worden? Of zie je als commissie andere middelen om de verkeersdrukte en het milieu te ontlasten?

 

2. PREV / Commissie Preventie Radicalisering

Het vraagstuk rond de preventie van gewelddadige radicalisering.
Terrorismedreiging wordt steeds vaker gelinkt aan gewelddadige radicalisering. Jonge en volwassen mensen willen politieke of godsdienstige opvattingen opleggen aan anderen. Hun ideeën vormen een bedreiging voor de democratische rechtsorde. Geweld wordt vaak niet geschuwd.

Verschillende lidstaten van de EU proberen initiatieven op poten te zetten om de weerbaarheid tegen gewelddadige radicalisering te verhogen. Dit gebeurt op verschillende manieren. De nadruk ligt op preventie. Regeringen proberen het democratisch besef bij de bevolking te vergroten. Mensen worden op hun verantwoordelijkheidsgevoel aangesproken, integratie moet bevorderd worden en sociale netwerken zouden stevig genoeg moeten zijn om neiging tot radicalisering tegen te gaan. De meeste programma’s richten zich vooral op jongeren omdat zij meer vatbaar zijn voor radicaliseringsinvloeden.

Opdracht aan de commissie:
Hoe kan Europa de strijd tegen radicalisering ondersteunen? Hoe kan de EU radicalisering signaleren en voorkomen? Welke initiatieven kunnen weerbaarheid en integratie bij/onder de bevolking verhogen? Op welke manier kan je na incidenten de sociale verhoudingen herstellen en verbeteren?

 

 

3 CULT / Commissie Sport en Cultuur

Het vraagstuk van de whereabouts.
Dopingpraktijken worden elke dag geraffineerder. Omdat de moderne dopingproducten niet meer op te sporen zijn na een wedstrijd, voerde men het systeem van de whereabouts in. Op die manier kunnen topsporters gemakkelijker ‘out of competition’ (op elk uur van de dag) op het gebruik van doping gecontroleerd worden. Concreet dienen ze nauwgezet hun verblijfplaats te melden (ook in het buitenland, ook op vakantie). Bij een controle moeten ze binnen het uur op die plek aanwezig kunnen zijn. Daarnaast moet de sporter één uur per dag opgeven waarbij hij/zij zeker op de opgegeven plek aanwezig is. Wie een fout maakt of onvolledig is bij het invullen, wordt met een ‘filing failure’ bestraft. Het niet beschikbaar zijn binnen het ene doorgegeven uur leidt tot een ‘missed test’. Wanneer een sporter binnen 18 maanden 3x in de fout gaat, volgt een aangifte bij de tuchtcommissie. Dit kan een schorsing van 1 of 2 jaar tot gevolg hebben.

Opdracht aan de commissie:
In hoeverre is het systeem van de whereabouts een schending van de privacy van de topsporters? Zijn de tuchtmaatregelen te streng? Zijn er andere mogelijkheden om ‘out of competition’ controles te houden? Moet de dopingbestrijding topsporters allemaal over dezelfde kam scheren als het om whereabouts gaat? Werk een voor sporters haalbare regeling uit.

 

4.EMPL / Commissie Werkgelegenheid en Sociale zaken

Het vraagstuk van de versoepeling van de arbeidsmarkt.
In het licht van de huidige mondialisering komt de Europese arbeidsmarkt onder druk te staan van de vernieuwingstendensen van de liberale wereldeconomie.Met name is het aantal werknemers gestegen met glijdende werkuren en met een contract voor een bepaalde termijn. Maar mensen met een tijdelijk arbeidscontract krijgen vaak minder scholing van hun werkgever en lopen een grotere kans op bedrijfsongevallen. Werknemers met glijdende werkuren kunnen hun job vaak moeilijk laten overeenstemmen met hun gezins-en privéleven. Betekenen deze vernieuwingen dat de rechten van de werknemers moeten ingeperkt worden?

Opdracht aan de commissie:
Moet Europa een nieuw evenwicht uittekenen tussen (arbeids)flexibiliteit en (sociale) zekerheid, kortweg flexizekerheid genoemd? Hoe kan Europa in de toekomst een grotere arbeidsmobiliteit realiseren en garanties bieden om werk-en privéleven beter met elkaar te verzoenen?

 

 

 

5.DROI / Commissie Mensenrechten

Het vraagstuk van de migrantenstroom.
Migranten die naar het ‘paradijs’ Europa willen, halen het vaak niet. Ze sterven of worden op volle zee teruggestuurd. Europa is voor veel migranten een oninneembaar fort. Binnen die muren van dat fort heerst welvaart, maar wie laat een traan om al die wanhopige gelukzoekers? Gastvrijheid is in Europa ver te zoeken. Ontwikkelingshulp dient al te vaak het eigen belang en komt de eigen welvaart ten goede. Europa voelt zich bedreigd door deze stroom migranten, maar heeft geen zicht op de oorzaken. De Europese landen zien vluchtelingen en migranten als een crimineel probleem dat met harde hand moet worden aangepakt.

Opdracht aan de commissie:
Hoe kan de Europese Unie het fort Europa openen en de migranten kansen geven? Hoe kan de Europese Unie de nieuwkomers belonen in plaats van bestraffen en weigeren? Moet de Europese Unie het huidige asielbeleid bijsturen en/of herzien?

 

6.ENVI / Commissie Milieu

Het vraagstuk van de weermanipulatie of weermodificatie.
Atmosferische voorraden beheer” is een politiek correcte term. Op de zestigste verjaardag van de communistische staat China mocht het niet regenen!

In China greep men op 31 oktober in om m.b.v. 186 doses zilverjodide ernstige sneeuwbuien te veroorzaken met alle gevolgen van dien voor het verkeer en het dagelijkse leven waar men niet voorbereid was op deze onverwachte “lawine” . Het chemtrailfenomeen is de Chinezen niet geheel vreemd., maar onbekend is nog in hoeverre deze weermanipulatie de weersverschijnselen echt beïnvloedt. Mogen we er niet te veel van afhankelijk worden; er zijn nog te veel onzekerheden aan gekoppeld. Een andere vraag is in hoeverre het nut voor de ene zaak niet in het nadeel speelt van een andere belangengroep (verkeer, land- en tuinbouw, infrastructuur, privésector, overheid, evenementen, etc.) Wat zijn de morele implicaties?

Opdracht voor de commissie:
Welke invloed heeft een en ander op het milieu? Kan men ongebreideld doorgaan en het weer aanpassen aan eigen noden?In welke mate is deze weermanipulatie (on)schadelijk? Moeten deze ingrepen niet gebonden moeten worden aan bepaalde toelaatbare voorwaarden en internationale afspraken? In welke mate vormt deze weermanipulatie in Azië mogelijk een gevaar voor de Europa? Welk standpunt neemt Europa in op internationaal vlak en welke maatregelen kan/zal Europa nemen?

 

7. INTA / Commissie Internationale Handel

Het vraagstuk rond internationale piraterij.
Piraterij is de afgelopen jaren steeds meer een bedreiging voor de internationale scheepvaart. Vooral de Indonesische wateren, het gebied rond West-Afrika (Somalië) en de zeestraat tussen China & Taiwan zijn risicogebieden. Piraten plegen overvallen op vrachtschepen en jachten. Het stelen van de lading is vaak het doel, maar ook het gijzelen van de bemanning neemt toe. Die wordt pas weer in vrijheid gesteld na het betalen van een aanzienlijke som losgeld. Overvallen zijn soms politiek gemotiveerd en kunnen hierdoor onder de noemer ‘terreur’ vallen.

De lidstaten van de EU nemen deze problematiek ernstig en besluiten maatregelen te nemen. Verschillende EU-lidstaten sturen fregatten naar de kwetsbare gebieden om de konvooien bij te staan en te beschermen.

Opdracht aan de commissie:
In hoeverre kan de EU bijdragen tot de bescherming van vrachtschepen en jachten in internationale wateren? In welke mate moet deze bescherming in coöperatie met het thuisland van de piraten gebeuren? Moet de EU ook onderliggende oorzaken (zoals bv. de onstabiele of economisch zwakke situatie van het thuisland) aanpakken? Zijn internationale strafmaatregelen aangewezen, of moet men rekening houden met de juridische autonomie van het thuisland van de piraten?

 

8.LIBE / Commissie Burgerlijke Vrijheden, Juridische en Binnenlandse zaken

Het vraagstuk van de minarettenbouw in Europese steden.
Onlangs heeft men in Zwitserland met volksreferendum besloten verdere vergunningen voor de bouw van nieuwe minaretten in het land niet toe te kennen. Minaretten die in het stadsbeeld rivaliseren met kerktorens, wil men voortaan uit het landschap bannen.. Deze Zwitserse beslissing inspireert ook de lidstaten van de E.U. tot gelijkaardige besluiten om de groeiende islamisering in het dagelijkse leven een halt toe te roepen. Uiteraard is uit verschillende hoeken hiertegen verzet gerezen. Enkele van deze nieuwe verbodsbepalingen (o.a. het hoofddoekenverbod op scholen en universiteiten) waren overigens al gemeengoed in verscheidene islamlanden, zoals Turkije en Egypte.

Opdracht aan de commissie:
In welke mate moeten religieuze waarden, attitudes en tradities gerespecteerd worden in een multiculturele samenleving? Mag/moet Europa tussenkomen in dergelijke kerkelijke materies. Is dit een schending van de godsdienstvrijheid en van de scheiding tussen kerk en staat? Of gelden hier regels van erfgoedbescherming van het eigen christelijke patrimonium?

In hoeverre is er sprake van een toenemende islamisering? Vormt dit een bedreiging voor de Europese samenleving? Moet een Europees standpunt inzake worden geformuleerd? Wat is haalbaar, wat niet? Wat is wenselijk? Hebben de lidstaten van de EU een gelijklopend standpunt? Kan de commissie komen tot een consensus over een aanvaardbare beperking?

 

 

 

9. SEDE / Commissie Veiligheid en Defensie

 

Het vraagstuk van de nucleaire proliferatie.

In de huidige wereld beschikken steeds meer naties over de technologie om nucleaire wapens te produceren. Het non-proliferatieverdrag dateert intussen al uit 1968. Toen legde de VN vast om het bezit van kernwapens te beperken. Het gebruik van vreedzame nucleaire toepassingen werd echter wel toegestaan, inclusief de verrijking van uranium. Toen het verdrag werd opgesteld, waren er slechts 5 landen (de 5 leden van de VN Veiligheidsraad) die over kernwapens beschikten. Intussen blijkt dat landen die als ondemocratisch beschouwd worden (Noord-Korea, Iran) of in conflictzones liggen (India, Pakistan, Israël, Oekraïne) over nucleaire mogelijkheden beschikken.

 

Opdracht aan de commissie:

Hoe kan Europa een rol spelen in het voorkomen van verdere proliferatie? Moet er een nieuwe veiligheids- en controlestrategie ontwikkeld worden m.b.t.nucleaire technologie? Welk standpunt moet Europa innemen tegenover landen die beweren dat hun procédé om uranium te verrijken geen militaire implicatie heeft?

 

 

10.AFET / Commissie Buitenlandse en Instutionele zaken

 

Het vraagstuk van de herziening van de toetredingscriteria voor nieuwe kandidaat-lidstaten.
Ontstaan uit 6 kernstaten is de EU intussen met 27 lidstaten uitgegroeid tot een macht van betekenis op wereldvlak. Toch heeft de toetreding van nieuwe lidstaten verstrekkende gevolgen voor de werking van de EU. Ook na de recente schaalvergroting is de uitbreidingsdrang van de EU nog steeds niet geluwd. Nieuwe kandidaat-lidstaten bieden zich aan. De toelatingsvoorwaarden variëren echter van accent naargelang de aard van de kandidaat-lidstaat. In het geval van Turkije en de Balkanlanden wordt gehamerd op de erkenning van de rechten van de nationale minderheden. Verder stelt men zich de vraag of eventueel lidmaatschap van Oekraïene de relatie van de EU met Rusland.niet zou vertroebelen. De recente toetrededingsaanvraag van Ijsland in volle financiële crsis kan dan weer niet losgekoppeld worden van financiële garanties voor de gedupeerde spaarders van Ijslandse bankfilialen in de EU.

 

Opdracht aan de commissie:

Op grond van Artikel 57 betreffende de toelatingsvoorwaarden mogen de Raad en de Commissie vóór de toetreding alle besluiten aanpassen. Is verdere uitbreiding nog mogelijk? Aan welke criteria moet een nieuwe uitbreidingsgolf beantwoorden? Of heeft de groei van Europa haar limiet bereikt? Hoe houden we dit diverse Europa bestuurbaar, zonder aan kracht in te boeten?

 

 

 

11.CRIS / Commissie Financiële en Economische Crisis

 

Het vraagstuk van ethische regelgeving in de banksector.
De term “ethisch bankieren” verwijst naar duurzame spaar-en beleggingsvormen in sectoren die positief bijdragen tot mensenrechten en milieu. Door de huidige crisis krijgt het begrip een nieuwe lading. De bankwereld wordt immers verantwoordelijk geacht voor de financiële crisis. Bankiers zouden te grote risico’s hebben genomen om op korte termijn miljoenen te kunnen verdienen. Omdat men er toch van uitging dat de staat moest helpen in geval van nood, gingen de banken zich roekeloos gedragen. Deze houding staat bekend als “moral hazard”. Het feest van de snelle traders is intussen voorbij, zoveel is duidelijk. Een nieuwe ethische code lijkt meer dan nodig. Moet de term “ethisch” bankieren niet uitgebreid worden tot “prudent en duurzaam bankieren”?

 

Opdracht aan de commissie:

Wat denk je over een nieuwe ethische code bankieren? Zou men banken niet moeten verplichten lagere salarissen aan managers uit te betalen? Moeten we geen rem zetten op beloningen, bonussen en gouden parachutes in de financiële sector en de bedrijfswereld om zo het vertrouwen van de burgers in de economie te versterken?

 

 

 

12.MEDI / Commissie Media, Audiovisuele en Technologische middelen

 

Het vraagstuk van de regelgeving rond reality-tv.
Nog nooit zoveel afvalraces op TV, blokletterde een Vlaamse krant. Sinds de eerste uitzendingen van Big Brother in 1999 is reality-tv een begrip geworden. De televisie verfilmt van dichtbij douchende, slapende, etende, vrijende en vechtende mensen. Jong en oud kijkt naar deze beelden en televoot wekelijks hun televisiehelden en -heldinnen, die tijdelijk populair en rijk worden. Worden we deze realityraces dan nooit beu? Waarom zien we kandidaten zo graag op hun bek gaan? Hun belevenissen worden door de kijkers als levensecht ervaren. Reality-tv laat echter een vervormende werkelijkheid zien, waarin kijkcijfers en bedachte scènes het commerciële succes bepalen. Met Peking Express en Stanley’s Route werd ook de Derde Wereld het decor van reality-tv. De natuur, de bomen, de eilanden en de oorspronkelijke bewoners spelen daarin nu eens een exotische, dan weer een bedreigende rol. Er is nauwelijks respect voor andere beschavingen, culturen en werelden Cultuuranalisten stellen dan ook dat de meeste reality-programma's van slechte smaak getuigen en misbruik maken van de gevoelswereld van onschuldige mensen. Is dit goedkoop brood en spelen-vermaak voor zenders in crisistijd?

 

Opdracht aan de commissie:

Moet reality-tv om ethische gronden beperkt of verboden worden? Of moeten de kandidaten beter beschermd worden tegenover de willekeur van de televotende kijkersmassa? Mag de Derde Wereld het toneel vormen van deze commerciële uitbuiting en waardenverloedering? Hoe kan de EU ertoe bijdragen om de televsieproducenten een normering op te leggen? Of gelden hier louter het recht van vrijemeningsuiting en de wet van vrije concurrentie tussen de televisiestations?